Evenwicht tussen strategie en methodologische diepgang - Dubbele Materialiteit 2.0 bij Johnson Service Group

Een strategisch relevante en methodologisch robuuste dubbele materialiteitsbeoordeling volgens de herziene ESRS, met directe input voor je duurzaamheidsstrategie.

JSG logo
iStock-2212197493

Waarom een dubbele materialiteitsbeoordeling?

Johnson Service Group (JSG) is een Brits bedrijf dat textiel (bv. uniformen, beddengoed, schorten) verhuurt, wast en levert aan klanten in sectoren zoals horeca en gezondheidszorg. Op het moment van het project had JSG geen verregaande wettelijke verplichtingen op het vlak van duurzaamheid. Toch zorgden verschillende ontwikkelingen voor een groeiende sense of urgency:

  1. Het Verenigd Koninkrijk beweegt richting verplichte duurzaamheidsrapportering;
  2. Als beursgenoteerd bedrijf staat JSG onder toenemende aandacht van investeerders en marktautoriteiten;
  3. Klanten verwachten steeds vaker actie op thema’s zoals klimaat, verpakkingen en sociale waarde;
  4. Concurrenten scherpen hun duurzaamheidsambities aan. Sommigen rapporteren reeds volgens de ambitieuze Europese standaarden voor duurzaamheidsrapportering (ESRS).

In deze context zag JSG een dubbele materialiteitsanalyse (DMA) als een logische stap richting een ambitieuzere duurzaamheidsstrategie. Een DMA helpt een bedrijf te bepalen welke duurzaamheidsthema’s het meest relevant zijn—ofwel omdat het bedrijf een significante impact heeft op een thema (bv. klimaat, biodiversiteit, of het welzijn van werknemers), ofwel omdat deze thema’s financiële risico’s of kansen creëren. Deze materiële thema’s dienen de basis te vormen van de duurzaamheidsstrategie en -rapportering.

Strategische uitdaging: een afvinkoefening vermijden

Hoewel de waarde van een DMA duidelijk was, bleef JSG terecht voorzichtig. Heel wat Europese bedrijven die een DMA-proces conform de Europese standaarden (ESRS) uitvoerden hebben het proces ervaren als technisch, tijdrovend en onvoldoende strategisch relevant. Bij een traditionele DMA-aanpak worden typisch tientallen impacts, risico’s en opportuniteiten geïdentificeerd, en wordt vervolgens gevraagd aan stakeholders om deze te scoren op meerdere parameters—vaak zonder echte strategische inzichten als resultaat.

De uitdaging was dus om een DMA-aanpak te ontwikkelen die methodologische nauwkeurigheid combineert met strategische relevantie.

 De samenwerking met Möbius aan onze DMA was een zeer positieve en constructieve ervaring. Dankzij hun expertise, reactievermogen en pragmatische aanpak konden we met vertrouwen een complex proces doorlopen. De DMA heeft onze duurzaamheidsstrategie direct versterkt, onze langetermijnrichting verduidelijkt en onze belangrijkste prioriteiten voor de toekomst aangescherpt.  

Alexandra Brennan Group Sustainability Manager

Aanpak: DMA 2.0

Na de aanvang van het project werd een draftversie van de gereviseerde ESRS gepubliceerd. Een van de voornaamste doelstellingen van deze herziene ESRS was om het DMA-proces meer gefocust en beslissingsgericht te maken. Dit sloot perfect aan bij onze ambitie.

Onze aanpak rustte op drie centrale principes:

1. Een combinatie van top-down en bottom-up logica

In plaats van louter een gedetailleerde bottom-up analyse van impacts, risico’s en kansen, begonnen we met een top-down afbakening van thema’s samen met het managementteam. Sommige thema’s waren duidelijk materieel (bv. watergebruik in industriële wasserijen), andere duidelijk niet (bv. dierenwelzijn). Door deze “vanzelfsprekende topics” vroeg te identificeren, konden we middelen richten op thema’s die diepere analyse vereisten.  

2. Selectieve, expertgeleide scoring

Traditionele DMA’s steunen sterk op stakeholder scoring, wat kan leiden tot abstracte of inconsistente resultaten. In dit project stond kwalitatieve analyse centraal, en werd scoring enkel toegepast indien nodig om beslissingen te ondersteunen. De scoring gebeurde door Möbius-experten, gebaseerd op objectieve bewijslast. 

3. Gerichte en waardevolle stakeholderbetrokkenheid

In plaats van grootschalige enquêtes over alle mogelijke thema’s, bestond stakeholderengagement uit gerichte, diepgaande gesprekken met interne en externe stakeholders. De focus lag op kernonzekerheden en op thema’s waar stakeholders echte expertise hadden. Dit zorgde voor substantiëlere input en voorkwam dat stakeholders onderwerpen moesten beoordelen buiten hun kennisveld en comfortzone.  

Resultaten

Vergeleken met traditionele DMA-oefeningen werd de DMA 2.0-aanpak algemeen ervaren als intuïtief, gefocust en respectvol naar de tijd en expertise van stakeholders.

Intern—van het duurzaamheidsteam tot de CEO—werd de DMA ervaren als een strategische oefening in plaats van een compliance verplichting. De resultaten hielpen JSG om:

  • bestaande prioriteiten te verfijnen (bv. circulariteit en personeelsdata);
  • nieuwe strategische prioriteiten te identificeren (bv. water stewardshipen “social value”);
  • de link tussen duurzaamheidsrapportering en bedrijfsstrategie te versterken.

Tegelijkertijd bleef de methodologische robuustheid behouden. Belangrijke aannames, methodologische keuzes en expertbeoordelingen werden zorgvuldig gedocumenteerd. En niet onbelangrijk: de aanpak werd voorgelegd aan- en positief beoordeeld door de auditor van JSG.

Heeft u hulp nodig bij het vormgeven van uw duurzaamheidsstrategie? Neem dan contact met ons op!